Dagelijkse en wekelijkse rust voor vrachtwagenchauffeurs

Dagelijkse en wekelijkse rust voor vrachtwagenchauffeurs

Hoeveel dagelijkse en wekelijkse rust moet een vrachtwagenchauffeur nemen, wanneer mag die rust worden verkort en hoe werkt compensatie? Dit artikel zet de hoofdregels en veelgemaakte fouten op een rij.

Een vrachtwagenchauffeur moet normaal minimaal 11 uur dagelijkse rust en 45 uur wekelijkse rust nemen. De dagelijkse rust mag onder voorwaarden worden verkort tot 9 uur, zonder dat deze uren later hoeven te worden ingehaald. Een verkorte wekelijkse rust van minimaal 24 uur moet juist wél worden gecompenseerd. Dat verschil is belangrijk bij het plannen en controleren van een rittenrooster.

Hieronder staan de Europese hoofdregels voor beroepschauffeurs die onder Verordening 561/2006 vallen. Voor vrijgesteld vervoer, ritten waarop de AETR van toepassing is en tijdelijke nationale uitzonderingen kunnen afwijkende bepalingen gelden. De regels zijn niet afhankelijk van het type vrachtauto: ze gelden bijvoorbeeld zowel bij distributiewerk met een Volvo FE als bij internationaal vervoer met een zware trekker-oplegger.

Dagelijkse rust: 11 uur, 9 uur of gesplitst

De normale dagelijkse rusttijd bedraagt minimaal 11 aaneengesloten uren. Binnen iedere periode van 24 uur na het einde van de vorige dagelijkse of wekelijkse rust moet een nieuwe dagelijkse rust zijn voltooid. Het is dus niet voldoende om de rust alleen vóór het einde van die 24 uur te starten.

Stel dat de vorige wekelijkse rust op maandag om 06.00 uur eindigt. Dan moet de chauffeur uiterlijk dinsdag om 06.00 uur een geldige dagelijkse rust hebben afgerond. Bij 11 uur normale rust moet deze in dat voorbeeld uiterlijk maandag om 19.00 uur beginnen.

De normale dagelijkse rust mag ook worden gesplitst. Het eerste deel moet dan minimaal 3 uur duren en het tweede deel minimaal 9 uur. De volgorde ligt vast: eerst 3 uur en daarna 9 uur. Door de splitsing komt de totale rust op minimaal 12 uur. Een periode van eerst 9 en daarna 3 uur voldoet niet aan deze regeling.

Een verkorte dagelijkse rust duurt minimaal 9 aaneengesloten uren. Een chauffeur mag maximaal drie verkorte dagelijkse rustperioden nemen tussen twee wekelijkse rustperioden. De twee ontbrekende uren hoeven niet te worden gecompenseerd. Dat is een belangrijk verschil met een verkorte wekelijkse rust.

Soort rust Minimale duur Compensatie nodig? In de cabine toegestaan?
Normale dagelijkse rust 11 uur Nee Ja, onder voorwaarden
Gesplitste dagelijkse rust 3 uur gevolgd door 9 uur Nee Ja, onder voorwaarden
Verkorte dagelijkse rust 9 uur Nee Ja, onder voorwaarden
Normale wekelijkse rust 45 uur Nee Nee
Verkorte wekelijkse rust Minimaal 24 uur Ja Ja, onder voorwaarden

Bij dubbele bemanning geldt een andere tijdsruimte. Iedere chauffeur moet dan binnen 30 uur na het einde van de vorige dagelijkse of wekelijkse rust een nieuwe dagelijkse rust van minimaal 9 uur hebben genomen. Hiervoor moet daadwerkelijk aan de voorwaarden voor dubbele bemanning zijn voldaan; alleen een passagier of collega in de cabine is niet automatisch een tweede chauffeur.

Wekelijkse rust: wanneer moet deze beginnen?

Een normale wekelijkse rust duurt minimaal 45 aaneengesloten uren. De volgende wekelijkse rust moet uiterlijk beginnen na zes perioden van 24 uur, gerekend vanaf het einde van de vorige wekelijkse rust. De termijn wordt dus niet simpelweg berekend vanaf maandagochtend of na zes gewerkte diensten.

Eindigt een wekelijkse rust op maandag om 08.00 uur, dan moet de volgende wekelijkse rust uiterlijk op zondag om 08.00 uur beginnen. Eerder starten mag uiteraard. Laden, lossen, administratief werk en beschikbaarheid gelden niet als rust en kunnen het begin van de rust dus niet vervangen.

Voor de beoordeling van wekelijkse rust geldt een kalenderweek van maandag 00.00 uur tot zondag 24.00 uur. In twee opeenvolgende weken moet een chauffeur in de hoofdregel minimaal twee normale wekelijkse rustperioden nemen, of één normale wekelijkse rust en één verkorte wekelijkse rust van minimaal 24 uur. Een wekelijkse rust die over de grens tussen twee kalenderweken loopt, mag aan één van beide weken worden toegerekend, maar niet aan allebei.

Een rust van bijvoorbeeld 40 uur is geen normale wekelijkse rust. Deze telt als verkorte wekelijkse rust, waardoor het verschil met 45 uur later moet worden ingehaald. Ook een rust van 44 uur en 59 minuten blijft juridisch een verkorte rust.

Compensatie van verkorte wekelijkse rust berekenen

Bij een verkorte wekelijkse rust moet de chauffeur precies het verschil met 45 uur compenseren. De compensatie moet als één ononderbroken blok worden toegevoegd aan een andere rustperiode van minimaal 9 uur. Losse compensatie-uren verspreiden over verschillende nachten is niet toegestaan.

De compensatie moet uiterlijk vóór het einde van de derde week na de week van de verkorting zijn opgenomen. Wordt de wekelijkse rust in week 1 verkort, dan moet de compensatie dus uiterlijk aan het einde van week 4 zijn voltooid.

  • 24 uur wekelijkse rust: tekort van 21 uur, dus 21 uur compensatie.
  • 30 uur wekelijkse rust: tekort van 15 uur, dus 15 uur compensatie.
  • 40 uur wekelijkse rust: tekort van 5 uur, dus 5 uur compensatie.

Na een verkorte wekelijkse rust van 24 uur kan de ontbrekende 21 uur bijvoorbeeld worden gekoppeld aan een normale wekelijkse rust van 45 uur. Er ontstaat dan één aaneengesloten rustperiode van minimaal 66 uur. De 21 uur kan ook aan een andere rust van minimaal 9 uur worden toegevoegd, mits aan alle overige eisen voor dagelijkse en wekelijkse rust wordt voldaan.

Voor internationaal goederenvervoer bestaat onder strikte voorwaarden een uitzondering waarbij buiten de lidstaat van vestiging twee verkorte wekelijkse rustperioden achter elkaar kunnen worden genomen. Binnen vier opeenvolgende weken moeten dan minimaal vier wekelijkse rustperioden vallen, waarvan ten minste twee normale wekelijkse rustperioden. De compensaties voor de twee opeenvolgende verkortingen moeten als blokken voorafgaan aan de daaropvolgende normale wekelijkse rust. Dit kan een zeer lange aaneengesloten rustperiode opleveren en moet daarom al vóór vertrek in de planning zijn verwerkt.

Compensatie voor wekelijkse rust mag niet worden verward met compensatie voor uitzonderlijk verlengde rijtijd. Als een chauffeur door aantoonbaar onvoorziene omstandigheden gebruikmaakt van de beperkte mogelijkheid om langer door te rijden naar huis of de standplaats, moet ook die extra rijtijd afzonderlijk met evenveel rust worden gecompenseerd.

Cabinerust, verblijf en praktische planning

Dagelijkse rust en verkorte wekelijkse rust mogen in het voertuig worden genomen als de chauffeur daar zelf voor kiest, het voertuig stilstaat en er een geschikte slaapgelegenheid aanwezig is. Rust nemen terwijl een ander de vrachtwagen verplaatst, is buiten de specifieke regels voor dubbele bemanning geen geldige rust waarbij de chauffeur vrij over zijn tijd kan beschikken.

Een normale wekelijkse rust van minimaal 45 uur mag niet in de cabine worden doorgebracht. Dat geldt ook voor een wekelijkse rust van meer dan 45 uur waarin compensatie voor eerdere verkortingen is opgenomen. De rust moet plaatsvinden in een passend en gendervriendelijk verblijf met geschikte slaap- en sanitaire voorzieningen. Bij een werknemer zijn de verblijfskosten voor rekening van de werkgever.

De transportonderneming moet het werk van een chauffeur bovendien zo organiseren dat deze ten minste eenmaal per vier opeenvolgende weken kan terugkeren naar zijn woonplaats of de operationele vestiging waar hij normaal is gestationeerd. Na twee opeenvolgende verkorte wekelijkse rustperioden in het internationale goederenvervoer geldt een kortere terugkeercyclus, omdat de compensatie en de normale wekelijkse rust aansluitend moeten worden genomen.

Een parkeerplaats of chauffeursrestaurant is niet automatisch een geschikt verblijf voor de normale wekelijkse rust. Voor maaltijden, sanitaire stops en routeplanning kan een overzicht van chauffeurscafés in Limburg wel praktisch zijn, maar controleer apart of er passende overnachtingsmogelijkheden beschikbaar zijn.

Veel overtredingen ontstaan niet door één extreem lange rit, maar door een verkeerde berekening van het 24-uursvenster, het te laat starten van de wekelijkse rust of het vergeten van openstaande compensatie. Noteer daarom per verkorte wekelijkse rust de datum, de werkelijk genomen uren, het tekort ten opzichte van 45 uur en de uiterste compensatiedatum. Controleer daarnaast of de volledige rust binnen de toegestane termijn valt. Zo wordt compensatie een concreet onderdeel van de ritplanning in plaats van een openstaand saldo dat pas bij een tachograafcontrole aan het licht komt.